Ostara

We stappen de lichte helft van het jaar in. Net als een half jaar geleden de donkere poort zich opende na de herfstequinox met Mabon, gaat er nu een sluier open naar het licht. Op 20 maart in de ochtend is de voorjaarszonnewende en zijn donker en licht perfect in balans. Daarna wint het licht en worden de dagen langer dan de nachten. Op het jaarwiel staat het feest Ostara recht tegenover Mabon, het tweede oogstfeest. Daarna volgden Samhain, Midwinter en gloorde er al licht met Imbolc.

Ostara (ook wel lente-equinox genoemd) is de naam die bij Jacob Grimm gevonden werd als aanduiding voor dit lentefeest. Grimm ging daarbij uit van de door de Angelsaksische monnik en kerkhistoricus Beda genoemde godin Eostre/Eastre.

De naam Eostre en de Duitse variant Ostara zijn waarschijnlijk afgeleid van het woord voor het oosten.  Zowel de Duitse en Engelse benaming voor Pasen, namelijk Ostern en Easter hebben dezelfde oorsprong. In het Oud Hoog-Duits heet Godin Eástra, Ostara. Ter ere van Godin Ostara vond ieder jaar een feest plaats, dat men ôstartage noemden. Het feest duurde twee dagen.

De godin Ostara was enkel bekend bij de Saksen. Vroeger vierden we hier in Nederland ook Ooster, maar de verhalen omtrent Godin Ostara werden door de kerk gelijkgesteld aan het Joodse Pesach. Vandaar dat het hier in Nederland nu Pasen wordt genoemd, afgeleid van het Pesach feest. Het is bijzonder te noemen dat het in Duitsland nog steeds Ostern heet en in Engeland nog steeds Easter, maar dat we in Nederland het Joodse Pesach over hebben genomen.

Ostara is de godin van het voorjaar. Zij symboliseert de overwinning van het licht en het aanbreken van de vruchtbare periode: Lente. Haar naam slaat dan ook op het Oosten, de richting waar het licht, de zon vandaan komt. Ostara is de Godin van de stralende morgen, het stijgende licht, en ze is een blijmoedige en heilzame verschijning.

De overgang van donker naar licht werd volgens bewaard gebleven overleveringen vaak uitgebeeld als een strijd. Hierbij werd de winter gespeeld door een in dierenhuiden of stro gehulde man, die zich gewonnen moest geven aan een in het groen geklede en met bloemen getooide jonge vrouw. Naast dit ritueel werden optochten langs de akkers georganiseerd, waarbij met stokken op de grond werd geklopt om de aarde te wekken. Ook deed men spelletjes en werden wedstrijden gehouden

Ostara heerst over het rijk van conceptie en de geboorte van baby’s, zowel dierlijk als menselijk, van de bevruchting van planten en bloemen en het rijpen van vruchten. Met Ostara vieren we de terugkeer van deze lentegodin. De sappen beginnen weer te stromen, de bomen komen weer in de knop, de grond wordt weer losser, het ijs smelt en overal ontwaakt de natuur vol geuren en kleuren en langzaam wordt alles vervuld met levenskracht.

Het tijdstip rond Ostara is een krachtig tijdstip om magie te bedrijven, niet alleen vanwege het balanceren van de energie van de aarde, maar vanwege de wijze waarop onze eigen energie de transformatie van de aarde weerspiegelt

Het gewone volk vroeger vierde Ostara niet altijd precies op de equinox. In sommige streken wachtte men op de eerste koekoek of de eerste zwaluw. Geleidelijk nam het Paasfeest de plaats van het Lentefeest in. Nog steeds vierde men daarbij de triomf van de lente over de winter. Vaak werd de winter als een stropop voorgesteld en verbrand of in het water gegooid. Soms hielden Koning Winter en Koning Zomer schijngevechten waarbij de winter werd verslagen en verjaagd.

Ook werd het voorjaar plechtig en feestelijk gevierd door een met groene bladeren versierde jongeling uit het bos op te halen. In Engeland werd hij the Green Man genoemd. In onze streken heet hij “Wildeman”. Soms was er een Lentekoning en een Lentekoningin, soms een Lentebruid. Vrijwel altijd trok men feestelijk rond de akkers om de levenskracht van de Lente hierop over te brengen. De Lentekoning had vaak een staf of roede waarmee hij op de akkers sloeg om ze vruchtbaar te maken. Op heuvels werd een lentevuur gebrand. Veel paasgebruiken, zoals het paasvuur, zijn hiervan afgeleid.